Skip to content

Tip: voer het gesprekje vooraf met de kinderen alvorens de audio te luisteren
PS: De audio is deel II van een Radio Maria uitzending, maar vormt een afzonderlijk geheel.

GESPREKJE VOORAF

Geloven jullie in God?
(…)
Geloven jullie dat Jezus de Zoon van God is?
(…)
Twijfel je daar wel eens over?
(…)

Zullen we samen eens luisteren wat Jezus daar over zegt?
Luister maar naar pastoor Michel die voorleest uit het Advent en Kerstboek.

EVANGELIE

Lucas 7, 18b-23

Voorlezen “Woensdag in de derde week van de Advent”, pagina 66 en 67 van het gezinsboek Advent- en Kerst van pastoor Michel Hagen

Een gezinsboek waaruit jullie elke dag met elkaar kunnen lezen, vanaf de eerste Advent tot het einde van de Kersttijd . Het boek bevat voor iedere dag een voorleesverhaal voor 4-6 jarigen en één voor 7-12 jarigen. De verhalen gaan allemaal over Jezus. Daarbij staan ook mooie afbeeldingen. Voor de volwassenen is er ook een ‘daglichtje’. Een korte tekst om over na te denken. Het boek is een goed hulpmiddel om God door Jezus beter te leren kennen. Dit is belangrijk , want zoals pastoor Hagen zegt in zijn inleiding: “God kennen gaat alles te boven”. Het boek staat garant voor een fijn dagelijks voorleesmoment samen en een gesprekje over het geloof. Je kunt er ook mee vooruit, want het boek bevat voor alle dagen drie verhalencycli die gelijk zijn aan de jaren A, B en C in de Kerk. Dus voor de komende drie jaar steeds nieuwe dagelijkse verhalen.
Ons Dagelijks Brood – Advent en Kerst
Korte verhalen uit het Evangelie voor iedere dag
Te bestellen op www.dagelijksbrood.nl € 17,95 per stuk (inclusief verzendkosten)

(voorlezen & samen praten & een van de kinderen laten beschrijven wat ze op de plaatjes zien)

WIJ PRATEN NA OVER HET EVANGELIE

Op de vraag:
“Bent u de Zoon van God?”
Antwoordt Jezus: “Kijk maar naar de goede dingen die Ik doe.
Dan weet je genoeg.”

Als je nu mensen goede dingen ziet doen; bijvoorbeeld op school of op straat:
Zijn dat dan altijd kinderen van God?
Wat denken jullie?
(…)

Alle mensen die echt goede dingen doen zijn kinderen van God, ook als ze het zelf nog niet weten.
Dat zijn alle mensen van goede wil.
De mensen die het goede willen en die ook het goede doen.
Het moet dan wel gaan om echt goede dingen die hen wat kosten, dus niet schijnbaar goede dingen die ze eigenlijk voor zichzelf doen.

Iemand vertelde mij laatst dit verhaal:
De juf had alle meisjes van groep 3 apart genomen
Om samen te praten over pesten.
Dat pesten niet goed was
En dat je lief voor elkaar moet zijn.
Een van de meisjes uit groep 3 zei toen:
“Als je in God gelooft dan pest je niet.”

Klopt dat nu denk je?

(…)

Het zou moeten kloppen.
Als je een kind van God wilt zijn, dan pest je niet.
Als je in God gelooft, dan pest je niet.
Als Jezus jouw grote vriend is, dan pest je niet.
En toch zijn er mensen, kinderen en grote mensen, die het dan toch doen.
En die naderhand dan wel spijt hebben en denken: Wat stom dat ik dat heb gedaan.
Waarom deed ik dat eigenlijk?
Er is wel iets belangrijks bij:
Wie echt kind van God wil zijn;
probeert het steeds weer opnieuw
En door het steeds opnieuw te proberen
kan je er ook steeds beter in worden
Kan je beter worden in aardig zijn.

We hebben vandaag geleerd:
We herkennen Jezus als Zoon van God
Door de goede dingen die Hij doet.
Als we proberen om net te doen als Jezus
Kunnen mensen ons herkennen als kinderen van God.

We kunnen God helpen met zijn Koninkrijk door aardig te zijn. Zullen we dat deze week eens extra proberen? Laten we vragen of Jezus ons daarbij helpt.

Kindergebed – Aardig zijn

Lieve Jezus,

Vandaag wil ik graag proberen om aardig te zijn
Voor de mensen om mij heen
Helpt u mij daarbij?
Dat ik het niet vergeet
En het ook echt doe.

Amen

Lieve Jezus,

U bent altijd bij mij.
Dat vind ik fijn.

Vandaag ben ik verdrietig
Wilt U mij troosten?
Dankuwel

Amen

Jezus zegt:
Heb je verdriet?
Praat maar tegen Mij.
Denk maar aan Mij.
Dan word je weer rustig en blij.

Lieve Jezus,

Vandaag wil ik graag proberen om aardig te zijn
Voor de mensen om mij heen
Helpt u mij daarbij?
Dat ik het niet vergeet
En het ook echt doe.

Amen

Iemand vertelde mij laatst dit verhaal:
De juf had alle meisjes van groep 3 apart genomen
Om samen te praten over pesten.
Dat pesten niet goed was
En dat je lief voor elkaar moet zijn.
Een van de meisjes uit groep 3 zei toen:
“Als je in God gelooft dan pest je niet.”

Klopt dat denk je?

(…)

Het zou moeten kloppen.
Als je een kind van God wilt zijn, dan pest je niet.
Als je in God gelooft, dan pest je niet.
Als Jezus jouw grote vriend is, dan pest je niet.
En toch zijn er mensen, kinderen en grote mensen, die het dan toch doen.
En die naderhand dan wel spijt hebben en denken: Wat stom dat ik dat heb gedaan.
Waarom deed ik dat eigenlijk?

Er is wel iets belangrijks bij:
Wie echt kind van God wil zijn;
probeert het steeds weer opnieuw
En door het steeds opnieuw te proberen
kan je er ook steeds beter in worden
Kan je beter worden in aardig zijn.

Kindergebed – Aardig zijn

Lieve Jezus,

Vandaag wil ik graag proberen om aardig te zijn
Voor de mensen om mij heen
Helpt u mij daarbij?
Dat ik het niet vergeet
En het ook echt doe.

Amen

Maak van je hart een kerststal
waarin Jezus welkom is.
Dat is de hemel op aarde.

Kindje Jezus in mijn hart

God geeft jou en mij veel Liefde
Laten we die Liefde doorgeven aan anderen
Dan blijft Gods Liefde stromen

 

Stroomschema van Gods Liefde

Intro

Ben je afgelopen zondag naar de Kerk geweest? Of de week daarvoor? Weet je nog welke kleur het kazuifel van de priester had?

(…)
Ja inderdaad groen. Dat is de kleur die hoort bij de gewone zondagen van het kerkelijk jaar; we noemen dat ‘de tijd door het jaar’. Er zijn drie kerkelijk jaren; jaar A, jaar B en jaar C. Weet jij in welk jaar we nu zitten?

(…)

Dat klopt, jaar C,

Nou moeten jullie goed opletten komende zondag. Het kazuifel van de priester is dan niet meer groen. Heb jij een idee welke kleur het zal zijn?

(…)

Paars. De komende tijd is de kleur in de kerk paars. Dat komt omdat zondag de Advent begint. Paars is de kleur die hoort bij de Advent. Weten jullie wat grappig is? Komend weekeinde is het eigenlijk oud –en –nieuw in de Kerk. Het nieuwe kerkelijk jaar begint ook op de Eerste Advent. Welk jaar begint er denk je?

(…)
We sluiten jaar C af en we beginnen weer met jaar A.

Komende zondag is dus extra bijzonder; een nieuw kerkelijk jaar en het begin van de Advent. Weten jullie wat dat is; de Advent? Weet jij het?
(…)

Advent is de tijd waarin we ons voorbereiden op Kerstmis. Bij voorbereiden denken we natuurlijk aan het gezellig te maken in huis, met een kerstboom, een adventkrans, veel lichtjes en een kerststal. Maar dat is niet het belangrijkste. Het gaat er vooral om in de Advent dat we ons voorbereiden in ons hart. Kerstmis is het feest van de geboorte van Jezus. En om dat feest goed te kunnen vieren is het belangrijk dat we plaats maken voor Jezus in ons hart. De Advent is een tijd om meer aan God te denken en te doen wat God vraagt.

Die kleur paars in de Kerk heeft daar ook mee te maken. Paars staat voor bekering en voorbereiding. Bekering dat betekent omkeren, je omkeren naar God. In de advent proberen we dat te doen. Weet jij in welke tijd van het kerkelijk jaar we ook paars hebben?
(…)

De kleur wordt ook gebruikt in de Veertigdagentijd, de tijd waarin we ons voorbereiden op Pasen.

Nu heb ik best al veel gezegd over de Advent. Zullen we nu eens luisteren wat Jezus er zelf over zegt? Laten we samen lezen uit het Advent- en Kerstboek van pastoor Michel Hagen. Dat is een fijn boek waarin een Evangelie-verhaal staat voor elke dag van de Advent tijd en de Kersttijd die daarna komt. Wij lezen er thuis altijd samen uit. Elke dag is er een verhaal voor kinderen van 4 tot 6 jaar, en één voor kinderen van 7 tot 12 jaar en een mooie tekening. Ook de ouders of grootouders worden niet vergeten: zij hebben een daglichtje. Iets om over na te denken.

Eerst zondag van de Advent jaar A: pagina 16 en 17 van het gezinsboek Advent- en Kerst van pastoor Michel Hagen

Een gezinsboek waaruit jullie elke dag met elkaar kunnen lezen, vanaf de eerste Advent tot het einde van de Kersttijd . Het boek bevat voor iedere dag een voorleesverhaal voor 4-6 jarigen en één voor 7-12 jarigen. De verhalen gaan allemaal over Jezus. Daarbij staan ook mooie afbeeldingen. Voor de volwassenen is er ook een ‘daglichtje’. Een korte tekst om over na te denken. Het boek is een goed hulpmiddel om God door Jezus beter te leren kennen. Dit is belangrijk , want zoals pastoor Hagen zegt in zijn inleiding: “God kennen gaat alles te boven”. Het boek staat garant voor een fijn dagelijks voorleesmoment samen en een gesprekje over het geloof. Je kunt er ook mee vooruit, want het boek bevat voor alle dagen drie verhalencycli die gelijk zijn aan de jaren A, B en C in de Kerk. Dus voor de komende drie jaar steeds nieuwe dagelijkse verhalen.
Ons Dagelijks Brood – Advent en Kerst
Korte verhalen uit het Evangelie voor iedere dag
Te bestellen op € 17,95 per stuk (inclusief verzendkosten)

(voorlezen & samen praten)

Afsluiting
Jullie snappen het wel hè? Als we goed nadenken weten we wel wat belangrijk is. Maar we vergeten het ook makkelijk, vooral als we druk zijn met ons dagelijkse leven. Zullen we daarom samen bidden voor een goede start van de Advent?

Kindergebed Eerste Advent

Goede God,
Ik wil heel graag
dicht bij U zijn;
vaker aan U denken;
goed naar U luisteren
en doen wat U vraagt.
Helpt U mij daarbij?
Speciaal in deze Advent
Zodat er in mijn hart
een warm welkom is
voor het kindje Jezus
Amen

Deze catechese was te beluisteren op Radio Maria (675 AM) op woensdag 27.11.2013 om 18.30 uur in het programma “Dag God met ons”

Goede God,
Ik wil heel graag
dicht bij U zijn;
vaker aan U denken;
goed naar U luisteren
en doen wat U vraagt.
Helpt U mij daarbij?
Speciaal in deze Advent
Zodat er in mijn hart
een warm welkom is
voor het kindje Jezus
Amen

Intro

In een eerdere catechese vertelden wij over Maria. Weten jullie nog welke verhalen we hebben verteld?

(….)

Dat waren allemaal verhalen uit de kindertijd van Jezus en zelfs nog van de tijd voordat Jezus werd geboren. Vandaag gaan we verder in de tijd; de tijd dat Jezus een volwassen man was. We doen het net als de vorige keer. We lezen uit het Evangelie en praten na. Helemaal aan het einde vertellen we ook nog iets over Maria in Lourdes en over de rozenkrans. Laten we maar snel beginnen.

I. Evangelie: Bruiloft van Kana

Jezus is volwassen en Hij is samen met zijn leerlingen en zijn moeder Maria op een bruiloft. Een bruiloft in Kana. We hebben dit verhaal eerder verteld. We vertellen het nog eens, een korte versie en we letten speciaal op Maria:

Maria is op een bruiloft en Jezus is er ook.
Maar wat gebeurt er? De wijn raakt op.
Maria gaat naar Jezus, ze zegt: ‘Ze hebben geen wijn meer’.
Maar Jezus doet alsof het niet belangrijk is. Hij zegt: ‘Dat gaat ons toch niet aan? Dit is niet het goede moment’.
Maria zegt tegen de bedienden: ‘Doe precies wat Hij je zal zeggen’.

In de feestzaal stonden 6 stenen kruiken, grote kruiken waar wel 100 liter in kan.
Jezus wijst op de 6 kruiken en zegt: ‘Doe die kruiken daar vol water’ .
De bedienden doen wat Jezus zegt en ze vullen de kruiken helemaal met water.
Nu zegt Jezus: ‘Laat de tafelmeester ervan proeven.’
De tafelmeester proefde en het water was wijn geworden.

***

Er is een groot probleem op de bruiloft; de wijn is op. Maria ziet dat en wil helpen.
Hoe komt het dat Maria het ziet?
(…)
Maria was al op de bruiloft. Eerder dan Jezus er was. Ze hield een oogje in het zeil. En zo is Maria ook. Maria let op of het goed met de mensen gaat. Ze let op en zo merkte ze dat de wijn op raakte

Dat is belangrijk; Maria wil ook zo bij ons zijn. Ze heeft oog voor ons. Ze wil van ons weten als er problemen zijn. Dat is al goed om te weten; dat Maria wil helpen als er een probleem is. Ze wil ons ook helpen met onze problemen. En we kunnen haar altijd om hulp vragen.

Maar er is nog iets anders belangrijks aan dit verhaal.
Hoe helpt Maria?
(…)
Ze helpt door naar Jezus te gaan. En ze zegt iets heel belangrijk. Ze zegt: ‘Doe precies wat Hij je zal zeggen’. Ze weet dan nog niet precies wat Jezus van plan is, maar ze vertrouwt wel helemaal op Jezus. Alles wat Jezus doet is goed, dat weet ze zeker. Daarom zegt ze dat: ‘Doe precies wat Hij je zal zeggen’.

En weet je wat? Maria zegt hetzelfde ook tegen ons: ‘Doe wat Jezus je leert, dan komt alles weer goed ’. Dan wordt het leven nog mooier dan een feest, net als toen met de allerbeste wijn.

Laten we dus goed onthouden: wij kunnen altijd naar Maria toe met een gebedje of met een kaarsje en zij brengt ons altijd weer terug bij Jezus. Dat is waar het Maria om gaat. Ze wil de mensen bij Jezus brengen. En Jezus brengt de mensen weer bij God de Vader en zo is de cirkel rond.

II. Evangelie: Onder het kruis

We komen bij het volgende verhaal. Een verhaal dat zich afspeelt op een droevig moment. Jezus hangt aan het kruis. Hij is dan ongeveer 33 jaar of iets ouder:

Maria, de moeder van Jezus, staat bij het kruis.
Het is heel moeilijk voor haar om haar zoon zo te zien lijden.
Maria is niet alleen. Er is ook een leerling van Jezus bij; Johannes en nog drie andere vrouwen.
Jezus ziet zijn moeder, en bij haar de leerling Johannes.
Dan zegt Hij tegen zijn moeder: ‘Vrouw, dat is je zoon.’
Tegen Johannes zegt hij: ‘Dat is je moeder.’

***

Dit is een moeilijk moment, voor Jezus, want Hij gaat dood. En voor Maria, want ze ziet haar zoon dood gaan.
Het is eigenlijk een beetje gek wat hier gebeurd. Wij denken dat als Jezus sterft, Hij alleen denkt aan pijn, verdriet, aan dood gaan. Maar nee, dat is niet zo. Hij kijkt ook nog naar zijn moeder en Hij kijkt naar zijn leerling Johannes.

Jezus wil dat Johannes voor Maria zorgt. Maria is weduwe en heeft alleen Jezus. Hij wil ook dat Maria voor Johannes zorgt.

En zit nog meer in
Wij zijn ook leerlingen van Jezus. Of we nu groot zijn of klein, pappa of mamma, priester of non of Paus, meester of juf, we zijn kinderen van God en wij zijn broeders en zusters van elkaar
Door dit verhaal denken wij: als Maria de moeder van Johannes is dan is zij ook onze moeder. We mogen Maria dus zien als onze moeder in de hemel. We kunnen haar alles vertellen en vragen. Als je dus een kaarsje opsteekt mag je echt zeggen: “Maria u bent onze moeder in de hemel en ik vind het fijn om even bij u te komen.”

III. Dood van Maria en verschijning van Maria in Lourdes in 1858

Net als alle mensen is ook Maria dood gegaan. Er is alleen een belangrijk verschil. God heeft haar rechtstreeks naar de hemel laten gaan met ziel en lichaam.
Het bijzondere is dus dat ook haar lichaam naar de hemel is gegaan.
Bij andere mensen blijft het lichaam op aarde en gaat alleen de ziel naar de hemel.
Maria is zo heilig, dat ook haar lichaam in de hemel is.
In de hemel is Maria de koningin van alle engelen en heiligen.

Na haar dood is Maria op aarde een aantal keer verschenen. Lourdes is een plaatsje in Frankrijk aan de voet van de Pyreneeën. Het is een belangrijke bedevaart plaats voor Maria. De plek is bijzonder omdat Maria daar 1858 is verschenen aan de Heilige Bernadette Soubirous. Luister maar naar het verhaal van Bernadette:

de H. Bernadette in de kathedraal van cambrai (Fr.). Foto MdM.

Bernadette is 14 jaar.
Op een dag gaat ze met haar zus Marie en een vriend naar een riviertje om hout voor de haard te verzamelen.
Als Marie en haar vriend het riviertje oversteken om aan de overkant van de rivier verder te zoeken, blijft Bernadette aan de kant staan.
Zij aarzelt om over te steken, omdat ze astma heeft. Ze wil niet ziek worden.
Ze zoekt daarom alleen verder.
Dan hoort ze een geluid als van een opstekende storm. Het geluid komt van de grot. Die grot heet ‘Massabielle’.
Bernadette gaat de grot binnen.
In de grot ziet ze een jonge vrouw. Het is een mooie vrouw, een dame, gekleed in het wit met een blauwe ceintuur. Op allebei haar voeten heeft ze een gele roos.
De vrouw glimlacht naar Bernadette en wenkt haar om dichterbij te komen.
Bernadette is niet bang en valt op haar knieën om de rozenkrans te bidden.
Zij bidden samen.
Na de gebeden verdwijnt de vrouw langzaam.
De vrouw komt 17 keer terug. Bernadette ziet haar dus in totaal 18 keer.
De vrouw zegt dat Bernadette een gat in de grond moet graven. Dat doet Bernadette.
Het gat wordt een bron. Maria belooft dat het een heilzame bron is voor allen die het water gebruiken.
Maria vraagt Bernadette ook om aan de pastoor te vragen een kapel te bouwen.
De pastoor denkt dat Bernadette dit heeft verzonnen. Hij zegt dat ze moet vragen wie de vrouw is.
Dat doet Bernadette. De vrouw antwoordt: ‘Ik ben de Onbevlekte Ontvangenis’. Nu gelooft de pastoor Bernadette.

***

Die vrouw was dus Maria. Bernadette zag Marie en Maria sprak met haar.
Ze vroeg om een kapel en die is er gekomen. Het is zelfs een grote kerk. Elke dag komen er veel mensen naar Lourdes om te bidden. Ook veel zieke mensen komen er om beter te worden. Het is heel bijzonder daar in Lourdes.

Maria is in Lourdes en ook op andere plaatsen echt verschenen. Omdat God het nodig vond voor ons mensen. Verder is Maria dagelijks op allerlei manieren bij ons. Bijvoorbeeld als wij bidden bij een beeldje van Maria of een kaarsje opsteken. Ze kan je ook gedachten geven. Soms kan je wel eens een gedachte hebben, dan denk je: “Die gedachte komt van Maria”. In het begin weet je het niet precies, dat moet je leren.
Als ze boodschap heeft voor veel mensen, kan ze niet alleen gedachte geven maar ook verschijnen.

Maria zei tegen Bernadette: ‘Ik ben de Onbevlekte Ontvangenis’.
Wat betekent dat?
(…)
De zonde van Adam die als een erfenis over alle mensen door gaat, heeft Maria niet gehad. Er is nooit iets tussen Maria en God gekomen, dat wat wij zonde noemen, daar heeft ze nooit last van gehad.

IV. De rozenkrans

Als we aan Maria denken dan denken we ook aan het bidden van de rozenkrans. Weten jullie wat dat is een rozenkrans?
(…)

Je kunt de rozenkrans op verschillende manieren bidden. Heel eenvoudig door bij de grote kralen het Onze Vader te bidden en bij de kleine kraaltjes een Wees Gegroet. Wij thuis doen het vaak zo en de kinderen mogen om de beurt per Wees Gegroet of per 10 Wees Gegroetjes zeggen voor wie die is. Voor een ziek kind, kinderen in oorlog, voor opa of oma, voor de juf en ook wel eens voor de pastoor.

Bij het bidden van de rozenkrans kan je ook verhalen uit het leven van Jezus vertellen en daar over nadenken. Die verhalen noemen we geheimen. Er zijn vier soorten geheimen: De blijde geheimen, de droevige geheimen, de glorievolle geheimen en de geheimen van het licht. Als je het precies wilt weten kan je op het internet kijken op de website www.kinderenbiddenvoorkinderen.nl daar leggen ze het heel goed uit!

Zullen we vandaag afsluiten door samen het Weesgegroet te bidden?

Wees gegroet, Maria

Wees gegroet, Maria, vol van genade,
de Heer is met U,
gij zijt de gezegende onder de vrouwen,
en gezegend is Jezus, de Vrucht van uw schoot.
Heilige Maria, Moeder van God,
bid voor ons, zondaars,
nu en in het uur van onze dood.
Amen.

Dit was het. We weten nu al veel over Maria. Maar het best leren we haar kennen als we zelf tot haar bidden of een kaarsje bij haar opsteken.

Deze catechese was te beluisteren op Radio Maria (675 AM) op woensdag 13.11.2013 om 18.30 uur in het programma “Dag God met ons”

Kennen jullie Maria? Zij is de moeder van Jezus. En ze is ook onze moeder in de hemel.

Vandaag willen we jullie iets meer over haar vertellen. We vertellen jullie daarom een aantal verhalen uit het Evangelie die ook iets over het leven van Maria vertellen. Deze keer vertellen we over de tijd dat Jezus opgroeit tot Hij ongeveer 12 jaar oud is. Zo weten jullie wat Maria heeft meegemaakt. Maar belangrijker nog: we leren haar daar beter door kennen. Elk verhaal vertelt ons iets over wie Maria is. Het zou mooi zijn als jullie voor elk verhaal zingen “Ave ave ave Maria (2x)”

I. De engel komt bij Maria

Het eerste verhaal is het verhaal van de engel Gabriël die de blijde boodschap aan Maria brengt.

“Ave ave ave Maria (2x)”

“God stuurt een engel naar Maria.
De engel zegt: ‘Dag, Maria’.
Maria schrikt.
De engel zegt: ‘Je hoeft niet te schrikken, ik heb heel goed nieuws. Je krijgt een kindje. Dat kindje heet Jezus. Hij is de zoon van God.’
Maria zegt: ‘Dat kan toch niet?’
‘Jawel’, zegt de engel, ‘God Zelf zorgt ervoor’.
‘Dan is het goed’, zegt Maria.”

***

We horen dat Maria een bezoek krijgt van een engel. Ze schrikt ervan. De engel vertelt haar iets heel bijzonders: ze zal een kind krijgen, die Jezus heet en de zoon van God is. Dat is niet niks! Maar Maria vindt het goed omdat God er zelf voor zorgt. Maria vertrouwt op God.

Het is echt heel bijzonder dat God Maria heeft uitgekozen om de moeder van zijn zoon te worden. God houdt natuurlijk veel van Maria; zij heeft een bijzondere plaats in het hart van God.

II. Maria op bezoek bij Elisabet

Het tweede verhaal gaat over het bezoek van Maria aan haar nicht Elisabet.

“Ave ave ave Maria (2x)”

We hoorden net dat de engel Maria vertelt dat ze de moeder van Jezus wordt.
Hij vertelt ook nog iets anders.
De engel zegt:
Ik mag je nog iets zeggen. Elisabet jouw oudtante krijgt ook een zoon.
Iedereen zei dat het niet kon, maar God maakt het mogelijk.
Toen ging de engel van haar weg.

En weten jullie wat Maria dan doet?
Maria gaat op reis. Ze gaat naar Elisabet en Zacharias, die wonen in de bergen. Ze gaat Elisabet helpen, omdat ze weet dat Elisabet een kindje krijgt en al wat ouder is.
Ze gaat het huis binnen en zegt:
“Wees gegroet Elisabet, de Heer is met u”
Nu gebeurt er iets bijzonders.
De Heilige Geest maakt Elisabet blij.
Ze voelt dat haar kindje in haar buik een sprongetje maakt.
En ze zegt:
‘Maria ben jij het! Ongelofelijk! Van alle vrouwen op de wereld ben jij het die moeder wordt van Gods zoon. En nu kom je naar mij toe, jij, de moeder van mijn Heer. Waar heb ik dat aan te danken?
Ik had je groet nog amper gehoord en meeteen voelde ik het nieuwe leven van mijn kindje. Maria wat een geluk, dat je gelooft dat God zal doen wat Hij je heeft beloofd.’
Maria is blij en ze wil God bedanken. Daarom maakt ze een lied, een gedicht voor God.

***
Hebben jullie het gehoord? Als Maria komt worden mensen heel blij. Zelfs het baby’tje in de buik van Elisabeth heeft het door en springt van vreugde in de buik van zijn moeder. Maria brengt blijdschap. Het is geen gewone blijdschap, maar de Blijdschap van God.
Wie weet wie het baby’tje is?
(…)
Dit verhaal leert ons ook iets anders over Maria. Ze heeft net gehoord dat ze de moeder van Jezus wordt, de moeder van de zoon van God. Dat is niet niks. Maar daar doet ze niet opschepperig over. Helemaal niet. Ze denkt veel meer aan haar nicht Elisabeth. Haar tante is al wat ouder en heeft hulp nodig. Maria wacht niet en gaat meteen op weg om te helpen.

III. Geboorte van Jezus

We hoorden net over dat Maria zwanger was. Laten we nu luisteren naar het verhaal over de geboorte van Jezus.

“Ave ave ave Maria (2x)”

Jezus wordt geboren in een stal.
Maria wikkelt hem in doeken en legt hem in de kribbe.
Na een tijdje komen er herders naar het kindje kijken.
De herders vertellen aan Jozef en Maria:
“Een engel vertelde ons van dit kindje.
De engel vertelde ook hoe belangrijk dit kindje voor alle mensen op aarde is. Hij is Christus, de Heer, onze Redder.”
Maria bewaarde dit alles in haar hart en dacht erover na.

***
Dit verhaal zullen we allemaal wel kennen. Het is een deel van het Kerstverhaal.
Laten we eens speciaal naar Maria kijken. Ze heeft net een kindje gekregen en dan komen de herders en vertellen grote dingen over haar kindje. Wat doet Maria?
(…)
Inderdaad : ze bewaart wat ze hoort in haar hart en denkt erover na. Zo horen we dat Maria goed nadenkt over de dingen die ze meemaakt.

IV. Simeon en Hanna herkennen Jezus
Het volgende verhaal gaat over een bezoek van Jozef, Maria en Jezus aan de tempel in Jeruzalem. Ze gaan naar de tempel om Jezus aan God op te dragen. Dit is een regel van het Joodse geloof. Dit moet gebeuren met elk eerste jongetje dat geboren wordt.

“Ave ave ave Maria (2x)”

In Jeruzalem woont een oude man, Simeon. Hij is gelovig en vroom en kan heel goed naar de Heilige Geest luisteren. Hij doet graag wat de Heilige Geest van hem vraagt. De Heilige Geest heeft hem ooit gezegd dat hij niet dood zal gaan voordat hij de Messias (de Gezalfde) zal hebben gezien. Op een dag zegt de Heilige Geest hem: “Ga vandaag naar de tempel”. Dat doet hij.

Juist op dat moment brengen Jozef en Maria het kind Jezus de tempel binnen. Simeon tilt Jezus op. Hij begrijpt dat dit kleine kindje de Messias is. Hij wordt daarom heel blij en bedankt God hardop. Hij zegt: “God, als ik nu doodga, vind ik dat niet erg meer, want ik heb de Redder met eigen ogen gezien” Jozef en Maria zijn verbaasd over de mooie woorden van Simeon over Jezus. Daarop spreekt Simeon over hen een zegen uit.

Er is nog iemand in de tempel; een profetes, Hanna. Zij is 84 jaar en weduwe. Ze is altijd in de tempel en praat veel met God in gebed. Ze gaat naar Jezus toe. Ook zij bedankt God. Ze spreekt over Jezus tegen iedereen die wacht op de Redder en bevrijd wil worden.

Als Jozef, Maria en Jezus klaar zijn in de tempel gaan ze terug naar hun stad, naar Nazaret. Jezus wordt groot en sterk en heel wijs en hij werd geholpen door God”.

***

Valt het jullie op? Maria is verbaasd over de mooie woorden van Simeon over Jezus. Wij denken wel eens dat toen de engel Gabriel bij Maria was geweest, Maria alles in één keer begreep. Maar dat is niet zo. Ze heeft toen alleen begrepen dat Jezus een kind van God was en dat zij de moeder was. Toen is zij als een moeder goed voor het kind gaan zorgen. Het is niet zo dat ze alles meteen al snapte. Stukje bij beetje hoort ze dingen over Jezus, van de herders, van Simeon, ze bewaart die dingen in haar hart. Ze denkt erover na. Ze luistert goed naar de Heilige Geest. Ze moest net als elk mens samen met de Heilige Geest de dingen gaan verstaan.

IV. Bezoek aan de tempel

We maken een sprong in de tijd. Het baby’tje Jezus is nu twaalf jaar en zonder het te willen laat Hij zijn vader en moeder, Jozef en Maria, flink schrikken. Luister maar.

“Ave ave ave Maria (2x)”

Jezus wordt al groot.
Hij wordt twaalf jaar.
Nu mag Hij met de mannen meedoen in de tempel. Hij mag voorlezen uit de Bijbel.
Maar als Jozef en Maria weer naar huis gaan, raken ze Jezus kwijt.
Ze zoeken en zoeken, maar ze kunnen Jezus niet vinden.
Ze hebben groot verdriet.
Ze zoeken overal, drie dagen lang.
Gelukkig daar is Jezus.
Hij is in de tempel.
Maria is helemaal van slag. Ze zegt:
“Kind toch wat heb je gedaan? Denk eens met hoeveel verdriet je vader en ik naar je hebben gezocht.”
Maar het lijkt wel of Jezus het niet snapt. Hij zegt:
“Hebt U naar Mij gezocht? Maar wist u dan niet dat Ik in het huis van mijn Vader moest zijn?”

***
Is je moeder jou wel eens kwijt geweest? In een winkel ofzo, toen je heel klein was? Vraag het haar maar is. Moeder (en ook vaders) schrikken daar heel erg van. En zo was het ook met Maria. Hoe komt het nu dat Jezus het niet snapt?
(…)
Jezus was in de tempel, en Hij wist het zeker: dit is het huis van God, het huis van mijn Vader. Hij voelde zich daar helemaal thuis en Hij dacht dat Maria en Jozef het ook wisten.
Maar Maria en Jozef dachten iets heel anders. Zij dachten Jezus hoort bij ons, hij moet met ons mee naar huis. Er was du swat we noemen een ‘miscommunicatie’. Ze hadden elkaar niet begrepen. Zo gaat dat , ook als Jezus de zoon van God is. Ze moeten dus naar elkaar luisteren en met elkaar praten. Wij ook. Juist ook in het geloof.

Afsluiting
Mensen worden blij als ze in contact met Maria komen. Die blijdschap van Maria komt van Jezus. Maria brengt de mensen bij Jezus. We hebben net gehoord (in het verhaal van Maria op bezoek bij Elisabet) wat Maria zelf deed met haar blijdschap voor God. Ze maakt een gedicht voor God om God te bedanken. We noemden dat gedicht het loflied van Maria of het Magnificat. We willen het vandaag bidden en we nemen daarvoor de versie voor kinderen.

Magnificat voor kinderen
(Uit: pag. 84 Veertigdagenboek van pastoor Michel Hagen)

Mijn hart klopt voor U, o God, ik ben zo blij, U mag mij altijd helpen.
U bent zo groot, ik ben zo klein, maar iedereen zegt nu:
‘wat fijn, God zag jou staan, het is een wonder’.
Ja God heeft mij gevraagd en heilig is zijn naam.
Hij is goed voor iedereen die in Hem gelooft en luistert.
Je ziet; God kan de hele wereld aan. Geen president of directeur, geen generaal of koning, geen mens kan zonder God.
God zet gewone mensen op de troon.
Geeft eten aan wie honger heeft, maar rijken moeten wachten.
God houdt zijn mensen heel dicht bij zijn hart, dat had Hij Abraham beloofd en zo zal het zijn, voor nu en voor altijd. Amen, ja, Amen.

Wat mooi hè. Dat Maria God bedankt en de woorden die ze daar voor kiest. Misschien kan jij dat ook eens doen een gedicht of gebed voor God maken! Bedankt dat je naar ons luisterde en tot de volgende keer.

Mijn hart klopt voor U, o God, ik ben zo blij, U mag mij altijd helpen.
U bent zo groot, ik ben zo klein, maar iedereen zegt nu:
‘wat fijn, God zag jou staan, het is een wonder’.
Ja God heeft mij gevraagd en heilig is zijn naam.
Hij is goed voor iedereen die in Hem gelooft en luistert.
Je ziet; God kan de hele wereld aan. Geen president of directeur, geen generaal of koning, geen mens kan zonder God.
God zet gewone mensen op de troon.
Geeft eten aan wie honger heeft, maar rijken moeten wachten.
God houdt zijn mensen heel dicht bij zijn hart, dat had Hij Abraham beloofd en zo zal het zijn, voor nu en voor altijd. Amen, ja, Amen.

Back To Top